Na de bevrijding

Na de bevrijding in september 1944 is de situatie in Zuid-Limburg onoverzichtelijk en chaotisch. Nederland is slechts gedeeltelijk bevrijd, de Nederlandse regering zit nog in Londen. In de verschillende dorpen van de gemeente Gulpen-Wittem wordt door allerlei partijen eigenmachtig opgetreden bij het arresteren van personen die verdacht zijn van collaboratie met de Duitsers. Overal worden mensen opgepakt en opgesloten in scholen, patronaten en gemeentehuizen.

Het Militair Gezag, dat tijdelijk de regering vormt, heeft een aantal dagen nodig voordat dit ‘eigen rechter spelen’ onder controle is. Dat Militair Gezag krijgt veel problemen tegelijk op haar bordje. De materiele schade in de regio is groot: wegen zijn in slechte staat, bruggen over bijvoorbeeld de Gulp en de Geul zijn opgeblazen door de terugtrekkende Duitsers en er zijn geen vervoersmiddelen. Ook is er een groot voedseltekort. Een extra last vormen de naar schatting 35.000 evacués en repatrianten die afhankelijk zijn van voedselhulp.

Deze voedselsituatie hier is veel slechter dan bijvoorbeeld in België waar het transport nog behoorlijk goed functioneert en op de zwarte markt altijd wel iets te koop is. Het Heuvelland wordt voor haar voedselvoorziening voor een groot deel afhankelijk van geallieerde voedseltransporten. Een goede distributie van dat geïmporteerde voedsel blijft lange tijd lastig. in het najaar van 1944 krijgt het Militair Gezag 460 trucks van de 21ste Army Group van het Amerikaanse leger. Eind 1944 verbetert de voedselsituatie.

Een ander probleem waar het Militair Gezag mee kampt, is het tekort aan arbeidskrachten, vooral voor ongeschoolde arbeid. De landbouw heeft veel mensen nodig om haar oogst binnen te halen, cruciaal voor de voedselvoorziening van de regio. Machines zijn nauwelijks beschikbaar en dat betekent dat menselijke arbeid als vervanger moet dienen. Naar schatting zijn er 30.000 tot 40.000 arbeiders nodig.

Er is krapte op de arbeidsmarkt omdat veel mensen nog actief zijn ingeschakeld bij de oorlogsvoering. Honderden mensen zijn lid van de Ordedienst. De geallieerde troepen rekruteren veel mensen voor bijvoorbeeld de Stoottroepen en de Grensbewaking. Zij kunnen vaak een hoger loon betalen en een extra maaltijd geven, wat natuurlijk heel aantrekkelijk is. Pas na de bevrijding van geheel Nederland komen de mensen en middelen weer vrij voor het volledig herstel.

Deel dit bericht

Pierre Hupperts

Auteur ‘Het dorp en mijn familie. Gulpen en de familie Hupperts 1810-2010’.

Gerelateerd

Sinterklaas, een eeuw geleden

Een eeuw geleden, half november 1922 staan de kranten vol met advertenties over het aanstaande Sinterklaasfeest. Een bonte verzameling van cadeau-tips, voor rijk en arm,

Lees meer »

Duitse dienstbodes

Tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog trekken tienduizenden jonge, ongehuwde Duitse vrouwen naar Nederland om ze gaan werken als dienstmeisje. De vlucht uit Duitsland is

Lees meer »